“Dit zijn de huisgezinnen der zonen van Noach naar hun geboorten, in hun volken; en van dezen zijn de volken op de aarde verdeeld na den vloed”
— (Genesis 10:32).
Deze week denken we na over de torenbouw van Babel en de spraakverwarring. Een aangrijpend moment waarbij de mens(heid) een zelfgekozen weg inslaat en de Heere in moet grijpen. Toen het gezin van Noach uit de ark kwam sloot de Heere een verbond met Noach en zijn nageslacht. Een onderdeel van dat verbond was de opdracht om vruchtbaar te zijn en de aarde te vervullen. Het Goddelijke doel was dat de mensen zich over de aarde zouden verspreiden. De Allerhoogste deelde aan de volkeren erfenissen uit. Dit gebeurde toen Hij Adams kinderen vaneenscheidde en de volken de ‘landpale’ (landsgrenzen) gesteld heeft. Dit wordt door Mozes zo opgeschreven in Deuteronomium 32:8. Ook Genesis 10 wijst ons erop dat het doel van de Heere uiteindelijk wel behaald is. In Genesis 10 vinden we de zogenoemde volkerentafel. Hierin worden de volkeren beschreven die uit Sem, Cham en Jafeth voortgekomen zijn. Uit Sem komen de Joden en Arabieren, uit Cham de volkeren in Afrika en deels Zuidoost Azië en uit Jafeth de Amerikaanse, Europese en Noord-Aziatische volkeren, inclusief de Chinezen en de volkeren in India. Dit doel werd echter niet zonder slag of stoot bereikt. Er was een Goddelijk ingrijpen voor nodig. De mens is van nature een verbondsbreker en een belofteverbreker. In plaats van gehoor te geven aan het Goddelijke Woord, worden er zelfgekozen wegen ingeslagen. Welk gezag heeft de Schrift in jouw leven? Laat jij je gezeggen door Gods Woord of bepaal je zelf wel welke weg je kiest? Ik hoop dat het je gebed mag zijn, wat er in een overbekend Psalmvers staat: “HEER, ai, maak mij Uwe wegen, Door Uw woord en Geest bekend”.
Door Jan van Meerten