En in het huis gekomen zijnde, vonden zij het Kindeke met Maria, Zijn moeder, en nedervallende hebben zij Hetzelve aangebeden; en hun schatten opengedaan hebbende, brachten zij Hem geschenken: goud en wierook, en mirre.
— Matth.2:11
Prachtig verhaal van die wijzen uit het oosten! Maar eerst even dit: Het had veel drukker moeten zijn bij de kribbe toch? Het gonsde in dat dorpje toen de herders daar ‘alom bekend maakten het Woord dat hen over dit Kindje gezegd was’. Maar druk werd het bij de kribbe helaas niet …
Het gonsde in Jeruzalem, toen de wijzen daar zeiden, dat ze 100% zeker de ster (Zijn ster!) hadden gezien van de Koning van de Joden. Maar druk werd het bij de kribbe helaas niet …
Was jij er wel, toen het gonsde in de vier weken van Advent en op Eerste (en tweede) Kerstdag? En misschien ook nog bij één of ander mooi Kerstconcert? Was je in gedachten bij de kribbe neergeknield? Zag je iets van de heerlijkheid van het Kindje door het Evangeliewoord en door de Psalmen en liederen? En heb je jezelf voor het eerst of opnieuw totaal aan Hem mogen overgeven, om zalig gemaakt te worden van je zonden?
Ik denk dat je er dan in gedachten wel had willen blijven. Ik zou er in ieder geval wel heel graag bij geweest zijn, om niets te missen van wat er met en rond dit Kindje allemaal gebeurde. Stel je voor: al die ontmoetingen, getuigenissen, aanbidding, blijdschap en verwondering! Daar word ik tienduizend keer liever elke dag mee gevuld, dan met alle dwaasheid, gejaagdheid, onzekerheid en ellende, die nu vanuit ‘de wereld’ op me af komt. Jij ook?
Trouwens, intussen was het gezinnetje in een huis getrokken (zie de tekst hierboven). Maar waar was Jozef toen de wijzen binnenkwamen? Hij wordt niet genoemd. Denk even mee: ze waren hier terecht gekomen door het gebod van keizer Augustus, om zich te laten registreren. Maar dat klusje was in zo’n klein dorpje snel gedaan. En toch zijn ze daarna niet terug naar Nazareth gegaan, maar in Bethlehem blijven wonen. Was dat hun verwachting al, toen ze uit Nazareth vertrokken? Zou zomaar kunnen. Is Jozef intussen in Bethlehem verdergegaan met zijn beroep als timmerman? Zou zomaar kunnen. De wijzen hebben uit Jeruzalem een Bijbeltekst meegenomen, die Jozef en Maria al wel kenden, en die wij gewoon nog maar even op ons moeten laten inwerken: En gij, Bethlehem Efratha, zijt gij klein om te wezen onder de duizenden van Juda? UIT U zal Mij voortkomen, Die een Heerser zal zijn in Israël, en Wiens uitgangen zijn van ouds, van de dagen der eeuwigheid (Micha 5:1).
Van Kindje in de kribbe naar Heerser in Israël, om zondaren (ook mij!) zalig te maken: hoe dan? Die vraag nemen we deze week mee. En ook deze: Wat geloof jij van de voorzienigheid van God?
Door Jaco Cabaret